België blijkt de grootste tegenstander van het Europese verbod op nieuwe benzine- en dieselwagens vanaf 2035. In een peiling bij inwoners van 6 EU-lidstaten zegt 72 procent van de Belgen tegen dat plan te zijn. Slechts 28 procent steunt het. Opvallend: België doet het daarmee nog straffer dan Duitsland, nochtans het land waar het politieke en industriële verzet tegen die maatregel lang erg zichtbaar was.
Het gaat om het Europese plan dat de uitstoot van nieuwe wagens tegen 2035 met 90 procent moet terugdringen. Daarmee wil de Europese Commissie de uitstoot van het verkeer verminderen, goed voor een kwart van alle Europese broeikasgassen. Oorspronkelijk lag een volledig verbod op alle nieuwe benzine- en dieselwagens op tafel, maar dat plan werd later versoepeld.
België springt eruit in Europese peiling
De peiling werd afgenomen bij 6.700 inwoners van 6 EU-lidstaten. Daaruit komt België naar voren als het land met het sterkste verzet tegen een verbod op nieuwe brandstofwagens in 2035. De weerstand ligt hier hoger dan in Polen, Italië, Spanje, Frankrijk en Duitsland.
Dat maakt het resultaat extra opvallend. Zelfs in Duitsland, waar de auto-industrie een steunpilaar van de economie is en waar het verzet tegen het verbod sterk werd aangevoerd, staat 40 procent van de bevolking nog achter de zogenoemde benzineban. Ook in andere grote autoproducerende landen zoals Frankrijk, Italië en Spanje ligt de steun hoger dan bij ons.
Niet tegen klimaat, wel terughoudend over de omslag
De cijfers tonen tegelijk dat België niet simpelweg afhaakt als het over klimaat en mobiliteit gaat. In de peiling zit ons land midden in het peloton wanneer het gaat over de vraag of de vergroening sneller of trager moet. Het kamp dat versnelling wil en het kamp dat vindt dat het trager moet of dat milieu-overwegingen minder zwaar mogen doorwegen, is in België ongeveer even groot: allebei zo’n 40 procent.
Ook opvallend: de elektrische wagen doet het in België niet slecht. Naar verwachting zal nog dit jaar 1 op de 10 wagens in ons land elektrisch zijn. De verkoop van tweedehandse elektrische auto’s komt stilaan op gang en België heeft een van de dichtste laadpalennetwerken van Europa.
Toch blijft de reserve groot zodra het over een harde einddatum voor benzine en diesel gaat. De Belg staat in de peiling ook minder open voor goedkope elektrische Chinese wagens, met 44 procent die daar voorstander van is. Voor extra investeringen in het openbaar vervoer is 56 procent pro, ook dat ligt lager dan het gemiddelde van de 6 landen.
Gewoonte en kostprijs spelen mee
Voor die terughoudendheid worden in het artikel twee mogelijke verklaringen aangehaald. Enerzijds speelt gewoonte mee. De Belg houdt graag zelf de keuze in handen en grijpt volgens die redenering liever naar tussenstappen die vertrouwd aanvoelen.
Anderzijds is er de prijs. De overstap naar elektrisch rijden is bezig, maar een verplichte omslag tegen 2035 kan voor veel mensen zwaar doorwegen. Een elektrische wagen is duurder in aankoop dan een benzinewagen, ook al ligt de kost tijdens het rijden lager. Dat helpt verklaren waarom elektrische wagens in België vaak bedrijfswagens zijn, waarbij de overheid mee betaalt.
Net daar zit mogelijk ook de gevoeligste zenuw in dit debat: niet iedereen kan die overstap op dezelfde manier maken of betalen. Het verzet tegen het verbod lijkt dus niet los te staan van de bredere vraag wie de rekening van de omslag draagt.
De peiling legt vooral één zaak scherp bloot: in België leeft veel meer weerstand tegen een verplichte einddatum voor benzine en diesel dan in de andere onderzochte landen. En dat maakt van 2035 hier niet alleen een klimaatdossier, maar ook een heel tastbaar mobiliteits- en geldthema.
Blijf mee met waar Vlaanderen over praat
Ontvang opvallende verhalen, actualiteit en onderwerpen waar mensen iets van vinden, gewoon in je mailbox.
1 mail per week. Geen spam.
